skip to Main Content

Wilde staking KLM technici

Een jaar nadat de KLM aan de werknemersorganisaties toegezegd heeft de beloning van haar Certifying Staff internationaal te vergelijken is zij nog steeds niet met een oplossing voor het conflict met haar technici gekomen.

Vorig jaar, 28 juli 2001, heeft een grote groep KLM technici, monteurs en grondwerktuigkundigen (GWK), voor korte tijd het werk neergelegd uit onvrede met hun positie en beloning. Aanleiding voor deze onvrede was het feit dat de Certifying Staff constateerde dat er een substantieel beloningsverschil bestaat tussen de GWK op Schiphol en zijn collega bij KLM partner NorthWest Airlines. Ook spraken zij hun onvrede uit over het gebrek aan waardering van hun wettelijke verantwoordelijkheden. Zij hebben aangegeven dat met het inwerkingtreden van de Joint Aviation Requirements (JAR) er meer duidelijkheid in de lijn van verantwoordelijkheid van Certifying Staff gekomen is.

Naar aanleiding van bovengenoemde actie zijn de KLM en de werknemersorganisaties overeengekomen een internationaal benchmark onderzoek te houden naar de arbeidsvoorwaardelijke positie van de KLM technici. Gezamenlijk zijn de uitgangspunten van dit onderzoek vastgesteld. Onderzocht zijn verschillende functies, overeenkomstig de functie van GWK, bij vier Amerikaanse en vier Europese luchtvaartmaatschappijen. Hierbij zijn zeer zorgvuldig de maatman en zijn persoonlijke omstandigheden gedefinieerd. In het onderzoek is niet alleen gekeken naar het salaris van de maatman maar is ook rekening gehouden met secundaire beloning, pensioen waarde, belastingdruk, premiedruk en kostenindex in het betreffende land.

Alle partijen zijn het er over eens dat het onderzoek voldoende gegevens heeft opgeleverd om een gedegen oordeel te kunnen vellen over de verhoudingen in de beloning van de GWK. Over het oordeel zelf waren de verschillende partijen het echter niet eens. De KLM heeft naar mening van de NVLT ten onrechte achteraf besloten een wezenlijk deel van de onderzoeksgegevens niet in haar oordeel mee te nemen. Zij heeft de gegevens van alle Amerikaanse maatschappijen, waar het uiteindelijk allemaal om begonnen is, als niet relevant bestempeld en uit haar conclusie weggelaten. Ook negeert de KLM het feit dat zij haar eigen technici die buiten Nederland werkzaam zijn wel marktconform beloont.

De NVLT ziet in de resultaten van het onderzoek een bevestiging van de eisen die door de KLM technici vorig jaar is neergelegd. Het onderzoek toont aan:

1. Bij de meeste luchtvaartmaatschappijen kan de GWK verder doorgroeien in beloning dan bij de KLM.
2. Dat de beloning op de Amerikaanse en Europese markt elkaar voorheen in evenwicht hielden.
3. Het verschil in netto beloning met de KLM GWK loopt nu op tot meer dan 40%.

Ook is duidelijk geworden dat de GWK binnen de KLM organisatie niet optimaal ingezet wordt of kan worden. Dit betekent dat het nodig is eens zorgvuldig te kijken of de organisatiestructuur bij de KLM technische dienst niet aan verandering toe is.

De NVLT is tot het uiterste gegaan om de KLM te helpen bij het uitwerken van plannen in deze richting. Uiteindelijk heeft de NVLT zelf een compleet plan voor herpositionering van de Certifying Staff op de onderhandelingstafel gelegd. De KLM heeft dit plan vrijwel intergraal overgenomen met uitzondering van het arbeidsvoorwaardelijk deel ervan. De onderhandelaars van de NVLT zijn zeer teleurgesteld over de starre houding van de KLM en het ondermaatse voorstel dat op 23 juli door de KLM gepresenteerd is. De KLM blijft uitgaan van kostenneutraliteit en ziet in de benchmark geen aanleiding de salarissen van de GWK generiek te verhogen. De NVLT gaat uit van de aangetoonde verschillen en de business case van de KLM TD.

Dit betekent dat de NVLT een salaris systeem voorgesteld heeft waarin natuurlijk niet “iedereen er 40% bij krijgt”. Het salaris systeem biedt de mogelijkheid de Certifying Staff te belonen voor haar professionele en flexibele inzet, de verantwoordelijkheid inzake de vliegveiligheid en waarbij uiteindelijk naar een marktconforme beloning kan worden doorgegroeid.

Het NVLT bestuur.

Back To Top
Zoeken